Zendingsbericht 27 mei 2017

De wonder Bijbel

Martin Bengono, Kameroen

Ik had mijn spullen ingepakt en stond klaar om het leger in te gaan. Mijn vader legde zijn hand op mijn schouder en gaf mij een Bijbel mee voor onderweg. 

Ik beloofde mijn vader dat ik trouw aan God zou blijven. Ik wist dat het niet makkelijk zou zijn, maar ik was vastberaden om het in ieder geval te proberen. 

Ik sloot me aan bij de andere rekruten en we marcheerden samen naar de basis trainingskamp. De commandant maakte ons het marcheren zo moeilijk als mogelijk was. Zo moesten we een rivier oversteken op onze handen en knieën. Toen de rivier te diep werd, moesten we met onze zware bepakking verder zwemmen. 

Toen we aan de andere kant van het rivier aankwamen, waren onze rugzakken drijfnat, maar we kregen niet de kans om te rusten of onze spullen te laten drogen. We moesten in een stevig tempo doormarcheren. Eenmaal aangekomen op het kamp moesten we allerlei oefeningen doen. Pas laat in de avond hadden we tijd om onze natte rugzakken uit te pakken. 

Terwijl ik mijn kleding en andere bezittingen uit mijn rugzak haalde, moest ik alle rivierwater eruit wringen. Daarna legde ik alles uit om te laten drogen. Op dat moment viel mijn oog op de Bijbel, die mijn vader aan mij had gegeven. Ik baalde, omdat ik ervan overtuigd was dat het rivierwater de Bijbel geruïneerd zou hebben. Maar toen ik het aanraakte, voelde het droog aan. Vol ongeloof pakte ik het uit mijn tas. Het was droog. Alles in mijn tas was drijfnat en doordrenkt met het vieze rivierwater, behalve de Bijbel. Het was droog en schoon. Het herinnerde me eraan dat God bij mij was. 

Tijdens de zware trainingen vergat ik soms het mooie bewijs van Gods aanwezigheid. Ik wilde me vasthouden aan de sabbat, maar dat was moeilijk. Ik bad tot God en verzocht hem om mij te helpen een manier te vinden om Sabbat te kunnen vieren. 

Op dat moment hoorde ik dat het leger op zoek was naar soldaten om les te geven aan kinderen van militairen. Ik gaf me daar meteen voor op. Gelukkig werd ik uitgekozen om les te mogen geven, zodat ik niet op de sabbat hoefde te werken. 

Toen ik in het leger zat, deelde ik vaak mijn geloof met anderen. Mijn kamergenoot en ik praatten vaak over de Bijbel. Hij zei dat hij iets anders in mij zag. Hij ging in op mijn uitnodiging om mee te gaan naar evangelische bijeenkomsten en vertrouwde later ook zijn leven aan Jezus toe. 

Een andere soldaat was moslim. Zijn vader wilde niet dat hij zich zou bekeren tot het christendom, maar hij woonde al Bijbellessen bij en was er klaar voor om voor Jezus Christus te kiezen. We praatten veel over God en uiteindelijk bekeerde hij zich tot het Zevende-dag Adventisme. 

Ik wist dat God bij me was. Tijdens mijn diensttijd zorgde hij ervoor dat mijn bijbel droog bleef die eerste trainingsdag en dat ik de sabbat kon blijven vieren. Ook leidde hij anderen, die in het leger zaten, naar zich toe. 

Martin Bengono uit Kameroen.